De belasting op laadpalen in de openbare ruimte: hoe gemeenten investeringen terugverdienen via concessies
Gemeenten verlenen concessies aan exploitanten om laadpalen in de openbare ruimte te plaatsen. De exploitant draagt de investeringskosten en verdient terug via de stroomprijs, terwijl de gemeente geen of beperkte kosten maakt. Toch zijn er verschillende modellen die de gemeente belastingen of vergoedingen opleveren.
Gemeenten verlenen concessies aan exploitanten om laadpalen in de openbare ruimte te plaatsen. De exploitant draagt de investeringskosten en verdient terug via de stroomprijs, terwijl de gemeente geen of beperkte kosten maakt. Toch zijn er verschillende modellen die de gemeente belastingen of vergoedingen opleveren.
Wat is een laadpaalconcessie?
Bij een concessie wijst de gemeente een exploitant aan die voor een bepaalde periode (bijvoorbeeld 7 tot 10 jaar) het recht krijgt om laadpalen te plaatsen en te exploiteren op specifieke locaties. In ruil daarvoor betaalt de exploitant een concessievergoeding aan de gemeente, die kan bestaan uit een vast bedrag per laadpaal of een percentage van de omzet.
Deze aanbesteding zorgt voor een geordende uitrol: de gemeente bepaalt waar laadpalen komen, vaak op basis van aanvragen van inwoners of bedrijven.
Financiële modellen: vaste vergoeding versus omzetdeling
Er zijn grofweg twee manieren waarop gemeenten geld ontvangen:
- Vaste vergoeding: de exploitant betaalt bijvoorbeeld € 500 – € 2.000 per laadpaal per jaar aan de gemeente. Dit is eenvoudig en voorspelbaar.
- Percentage van de omzet: de gemeente ontvangt bijvoorbeeld 5% tot 10% van de laadomzet. Dit levert meer op als de laadpalen goed worden gebruikt.
Sommige gemeenten combineren beide modellen: een basisvergoeding plus een relatief lager omzetaandeel. De hoogte van de vergoeding hangt af van het aantal aanvragen en de concurrentie in de markt.
Wat betaalt de consument?
De exploitant bepaalt het publieke laadtarief, maar de gemeente kan hier voorwaarden aan stellen om het tarief betaalbaar te houden. In de praktijk ligt het tarief voor openbaar laden tussen de € 0,40 en € 0,60 per kWh. De concessievergoeding is een onderdeel van de kosten, maar het aandeel is meestal klein: slechts enkele centen per kWh.
Daarnaast kan de gemeente een opslag rekenen op de parkeerduur bij een laadpaal, maar dat is zeldzaam. Vaak is het gewone parkeertarief van toepassing.
Voorwaarden en verplichtingen voor exploitanten
Exploitanten krijgen niet zomaar het recht om laadpalen te plaatsen. Ze moeten aan minimumvereisten voldoen, zoals:
- Garantie op de beschikbaarheid van de laadpaal (bijvoorbeeld 98%)
- Voldoen aan open protocollen voor interoperabiliteit
- Transparante facturering en klantenservice
- Rapporteren over gebruik en storingen
Deze eisen worden vastgelegd in de concessieovereenkomst. De gemeente heeft daarmee een instrument om de kwaliteit van de openbare laadinfrastructuur te waarborgen.
Hoe gemeenten de investering terugverdienen zonder concessie
Sommige gemeenten plaatsen zelf laadpalen en exploiteren die, maar dat is uitzonderlijk vanwege de benodigde expertise en het risico. Meestal draagt de exploitant alle investeringskosten (circa € 3.000 – € 5.000 per laadpaal) en loopt hij het risico op tegenvallend gebruik. De gemeente verdient indirect terug via de concessievergoeding en via het belastingmechanisme: de exploitant betaalt gemeentelijke belastingen, zoals de precariobelasting, voor het gebruik van de openbare grond. Die kosten zijn vaak verwerkt in de concessievergoeding.
Daarnaast kan de gemeente profiteren van een betere luchtkwaliteit en lagere CO₂-uitstoot, wat indirect gunstig is voor de lokale economie.
Veelgestelde vragen
Waarom betalen exploitanten precariobelasting voor laadpalen?
Precariobelasting is een gemeentelijke heffing voor het gebruik van openbare grond. Gemeenten kunnen deze belasting in rekening brengen voor objecten die op of boven gemeentegrond staan, zoals laadpalen. Het bedrag varieert per gemeente en per type object.
Kunnen inwoners invloed uitoefenen op de locatie van laadpalen?
Ja, veel gemeenten hebben een aanvraagproces waarbij inwoners een verzoek kunnen indienen. De gemeente beoordeelt dan of de locatie geschikt is en neemt die mee in een volgende concessie of uitbreiding.
Is de prijs van openbaar laden altijd hetzelfde?
Nee, de tarieven variëren per exploitant en per gemeente. Soms zijn er verschillen tussen AC-laden (11-22 kW) en DC-snelladen, en sommige aanbieders passen dynamische tarieven toe op basis van het net. De gemeente heeft vaak toezicht op maximumprijzen.
Verder lezen
- Opladen EV in flatgebouw: mag het en hoe?
- Verwerking batterijreststoffen in Nederland: regels en sorteerbaarheid
- Subsidies voor laadpalen thuis en op het werk: combineer ze in de winter
- Laadpaal uitgevallen door netcongestie? Zo los je het op
- Regels voor elektrisch laden in parkeergarages
- Certificering van EV-reparateurs: verplichte keurmerken en kwalificaties
- Koperdiefstal uit laadkabels: wat zegt de wet?
- De rol van de Politie bij het opsporen van gestolen EV's met kentekens
- Digital License Plate: nieuwe technologie tegen diefstal en fraude?
- Energielabel C-kantoren en laadpalen: wat moet je weten?
- Recht op reparatie voor EV's: nieuwe regels voor accu's
- Thuisbatterij terugverdienen: fiscale regelingen 2025
- Alle kennisbank-artikelen over regels & beleid
Andere onderwerpen in de kennisbank
- Goedkoopste EV: nieuw of bijna nieuw?
- Online e-scooterverzekering annuleren: jouw rechten
- Stuurhoek fatbike afstellen voor een ergonomische houding
- Scootmobiel op slot: welke sloten bieden echte bescherming?
- E-bike accu niet meer vol opladen: oorzaken en oplossingen
- E-step wetgeving minderjarigen: dit zijn de regels
- Draadloos laden versus stekker: is inductie nu echt goed?
- Spaken vervangen: eigen wiel snel weer sterk
- Hydraulische of mechanische schijfremmen: wat is beter voor zware e-bikes?
- Kindervervoer in de bakfiets: gordels en zitjes vergeleken